Hoogbegaafdheid en eenzaamheid

Eenzaamheid is iets wat ik opvallend vaak tegenkom bij hoogbegaafden. Soms is die eenzaamheid heel zichtbaar. Iemand heeft weinig mensen om zich heen, mist vriendschappen of verlangt naar een partner met wie werkelijk iets gedeeld kan worden.
Maar ik ontmoet ook hoogbegaafden die op het eerste gezicht een prima leven lijken te hebben. Ze hebben een partner, een gezin, collega’s, vrienden of een actief sociaal leven. Toch vertellen ze, wanneer ik hen beter leer kennen, over een eenzaamheid die heel diep kan zitten.
Niet per se omdat er niemand is, maar omdat ze zich niet werkelijk bereikt voelen.
Niet alleen zijn, maar niet werkelijk gezien worden
Eenzaamheid kan voortkomen uit een gemis in het heden. Je zou graag meer mensen om je heen hebben. Meer contact. Of misschien vooral meer mensen die jou werkelijk zien en begrijpen.
Iemand bij wie je niet voortdurend hoeft te vertragen, te vertalen of een deel van jezelf hoeft weg te laten. Iemand die niet alleen begrijpt wat je zegt, maar ook aanvoelt hoeveel betekenis, ervaring en intensiteit daarachter schuilgaat.
Soms ligt de oorsprong van die eenzaamheid ook in het verleden. Wanneer je je als kind niet gezien of begrepen hebt gevoeld, kan dat diep in je achterblijven.
Misschien dacht je anders dan de mensen om je heen. Misschien beleefde je dingen intenser, stelde je vragen waarop niemand antwoord wist of hield je je bezig met onderwerpen waarvoor weinig belangstelling bestond.
Misschien was je als kind vooral bezig met het begrijpen van anderen, met aanpassen of met zorgen. Je voelde aan wat andere mensen nodig hadden, maar wie zag jou? Wie vroeg wat er in jou omging? Wie hielp jou woorden te geven aan alles wat jij al waarnam, maar nog niet goed kon plaatsen?
Wanneer die afstemming lange tijd ontbreekt, kan er een gevoel ontstaan dat jouw binnenwereld een plek is waar je uiteindelijk alleen moet blijven.
Een existentieel gevoel van eenzaamheid
Dat kan ervoor zorgen dat iemand later sterk geraakt wordt op momenten waarop hij zich opnieuw niet gezien voelt. Maar eigenlijk gaat het nog dieper dan een reactie op wat iemand anders wel of niet doet.
Het kan een existentieel gevoel worden dat een deel van jou eenvoudigweg niet door een ander begrepen kan worden.
Dat anderen je woorden kunnen horen, je gedrag kunnen zien en misschien zelfs van je kunnen houden, maar nooit volledig kunnen binnengaan in wat jij ervaart.
Uiteindelijk is ieder mens natuurlijk in zekere zin alleen in zijn eigen bewustzijn. Niemand kan precies voelen wat een ander voelt of volledig door diens ogen naar de wereld kijken.
Maar bij hoogbegaafden kan die afstand soms bijzonder scherp worden ervaren. Juist omdat hun binnenwereld zo rijk, intens, gelaagd of voortdurend in beweging kan zijn. Hoe meer er vanbinnen gebeurt, hoe groter soms ook het gevoel dat er iets verloren gaat zodra je het probeert over te brengen.
Je vertelt iets, maar de ander hoort alleen de buitenste laag. Je probeert uit te leggen wat iets met je doet, maar merkt dat je eigenlijk eerst een compleet denkraam zou moeten overdragen. Je deelt één gedachte, terwijl daar voor jou een heel netwerk van betekenissen achter zit.
De eenzaamheid zit dan niet alleen in het ontbreken van contact, maar in het verschil tussen alles wat er in jou leeft en wat daarvan de ander werkelijk bereikt. Dat verschil blijft niet alleen inwendig. Het bepaalt ook hoe je je in contact gaat gedragen.
Goed contact maken zonder helemaal tevoorschijn te komen
Soms wordt gedacht dat hoogbegaafden eenzaam zijn omdat ze sociaal niet zo vaardig zouden zijn. Dat herken ik eigenlijk niet zo.
Veel hoogbegaafden kunnen sociaal gezien prima contact maken. Ze kunnen geïnteresseerd zijn in anderen, goed luisteren, humor gebruiken en zich gemakkelijk bewegen tussen verschillende soorten mensen. Ze kunnen werkelijk verbinding aangaan. Maar vaak wel tot een bepaald niveau.
Goed contact kunnen maken is iets anders dan jezelf ook volledig laten zien. Je kunt vriendelijk, betrokken en zelfs persoonlijk zijn, terwijl belangrijke delen van jouw binnenwereld toch buiten het contact blijven.
Misschien laat je vooral zien wat voor de ander begrijpelijk en hanteerbaar is. Je laat je warmte zien, je belangstelling, je kennis en misschien ook een deel van je kwetsbaarheid. Maar daarachter bestaan nog andere delen. Delen die intenser, vreemder, groter, ambitieuzer of ingewikkelder voelen.
Veel hoogbegaafden hebben vroeger meegekregen dat ze te veel waren. Te gevoelig, te intens, te ingewikkeld, te anders. Misschien werd dat nooit letterlijk gezegd. Je merkte het aan een blik, een stilte, mensen die afhaakten zodra je werkelijk enthousiast begon te vertellen.
Je leert dan niet alleen dat anderen jou niet altijd kunnen volgen. Je gaat geloven dat jij jezelf moet verkleinen om de verbinding te behouden. Dat je niet helemaal tevoorschijn mag komen.
Want wanneer jij werkelijk al je intensiteit laat zien, zou je de ander misschien kunnen overweldigen. Voor je gevoel misschien zelfs kunnen verpletteren.
Je blijft dan contact maken, maar doseert voortdurend hoeveel van jezelf je daarin meeneemt. Voor de buitenwereld kan het eruitzien alsof je verbonden bent. Misschien ervaar je zelf ook werkelijk contact. Maar tegelijkertijd weet je dat de ander slechts een gedeelte van jou ontmoet.
Juist daar kan een diepe vorm van eenzaamheid ontstaan. Niet doordat je geen contact kunt maken, maar doordat je hebt geleerd dat verbinding alleen mogelijk is zolang jij jezelf niet volledig meebrengt.
De muur die ooit bescherming bood
Hoogbegaafden die vroeger veel eenzaamheid hebben ervaren, kunnen ook emotioneel een muur om zichzelf heen bouwen.
Soms waren zij daadwerkelijk veel alleen. Soms leefden zij tussen andere mensen, maar hadden ze het gevoel dat ze er uiteindelijk alleen voor stonden. Misschien zorgden zij voor anderen, maar was er niemand die werkelijk voor hen zorgde.
Wanneer uitreiken vaak genoeg pijn doet, kan terugtrekken veiliger gaan voelen. Niet omdat iemand geen verbinding meer wil, maar juist omdat het verlangen ernaar zo groot en zo vaak teleurgesteld is.
Achter die muur kan nog steeds een deel bestaan dat naar buiten reikt. Een jonger, kwetsbaar deel dat hoopt dat iemand hem ziet, begrijpt en zijn hand aanneemt.
Soms zijn er inmiddels mensen die die hand ook werkelijk willen aannemen. Mensen die oprecht geïnteresseerd zijn, voldoende diepgang hebben en niet onmiddellijk verdwijnen wanneer het contact ingewikkeld wordt.
Maar de muur die ooit bescherming bood, staat er nog steeds. Dat vind ik een van de pijnlijkste vormen van eenzaamheid: niet alleen niemand kunnen bereiken, maar zelf ook niet meer goed bereikt kunnen worden.
Dat wil niet zeggen dat het niet meer kan. Wel dat verbinding niet altijd vanzelfsprekend wordt zodra de juiste persoon verschijnt.
Het is nooit te laat om verbinding te vinden
Hoe lang je je ook eenzaam of onbegrepen hebt gevoeld, het is nooit te laat om opnieuw contact te maken met anderen.
Daarbij helpt het wanneer je zelf steeds beter weet wie je bent. Wanneer je dichter bij je eigen kern komt, durft te staan voor wat jou interesseert en jezelf minder klein maakt, wordt de kans groter dat de juiste mensen jou ook kunnen herkennen. Gelijkgestemden kunnen je moeilijk vinden wanneer je zelf grotendeels verborgen blijft.
Voor veel hoogbegaafden kan het fijn en zelfs helend zijn om andere hoogbegaafden te ontmoeten. Zeker wanneer je nog maar net ontdekt wat hoogbegaafdheid voor jou betekent, kan het een enorme opluchting zijn om met mensen te praten die bepaalde ervaringen direct herkennen.
Dat betekent niet dat je automatisch met iedere hoogbegaafde een klik zult hebben. Hoogbegaafden verschillen net zo goed in persoonlijkheid, interesses, gevoeligheid en manier van denken.
Een bijeenkomst voor hoogbegaafden is daarom niet altijd de plek waar je onmiddellijk thuiskomt en in één keer alles vindt wat je al die tijd hebt gemist. Misschien gebeurt dat wel. Maar vaak is het genuanceerder. Het kan heel fijn en helend zijn, zonder dat het meteen een ideaal plaatje wordt.
Ook binnen hoogbegaafdheid bestaan grote verschillen. De een zoekt vooral intellectuele uitwisseling, de ander emotionele diepgang, creativiteit, humor, wetenschap, ondernemerschap of maatschappelijke betrokkenheid. En hoe uitzonderlijker jouw manier van denken en ervaren is, hoe kleiner de kring van mensen bij wie je volledige herkenning vindt.
Dat kan de zoektocht moeilijker maken, maar niet onmogelijk.
Misschien ontmoet je iemand met wie je één belangrijk deel van jezelf kunt delen. Iemand die dezelfde interesses heeft, op een vergelijkbare manier denkt of jouw intensiteit niet als te veel ervaart. En soms groeit uit zo’n eerste stukje herkenning langzaam een diepere verbinding.
Het blijft voor ieder van ons een zoektocht. Naar mensen bij wie we niet alleen contact kunnen maken, maar bij wie we ook steeds iets meer tevoorschijn durven komen.
Ik hoop dat je zult vinden waar je naar op zoek bent.